Verantwoording
Grammatica
Het principe van CAESAR is: duidelijkheid! De grammatica wordt in de meest logische volgorde aangeboden. En op een eenvoudige, beeldende manier. Dit leidt tot meer overzicht, en dus tot meer begrip bij de leerlingen. In de praktijk: eerst alle naamvallen. Daarna de bijvoeglijke naamwoorden. De onvoltooide tijden netjes bij elkaar. Net als de voltooide tijden. Tot slot wijzen strategieën op de slimste manier van vertalen. Leerlingen bevestigen het: deze opzet werkt! Uiteraard wordt hierbij uitgegaan van de CvTE minimumlijst Latijn 2014.
Naamvallen
Naamvallen zijn de ruggengraat van het Latijn. Daarom wordt er zo snel mogelijk mee begonnen. Leerlingen leren meteen het volledige rijtje. De vertalingen worden zo eenvoudig mogelijk gehouden. En het memoriseren? Dat wordt gedaan met WRTS, naamvaltrainers en tempotoetsen!



Oefenen
Caesar werkt vooral met zinnen en korte oefeningen. Hierdoor kan er effectief met de nieuwe grammatica geoefend worden. Er is weinig context, zodat de leerling niet naar een naamval kan ráden. Elk hoofdstuk wordt afgesloten met een tekst ter afwisseling. In de laatste 10 hoofdstukken van CAESAR deel 2 wordt de overstap gemaakt naar originele Latijnse teksten.
Woorden
Synoniemen worden zo min mogelijk gegeven. Elk hoofdstuk kent dezelfde hoeveelheid woorden. In totaal bieden CAESAR 1 en 2 circa 1100 woorden aan. Deze zijn gebaseerd op de meest gelezen Latijnse auteurs.
Cultuur
Het verhalenboek laat de Romeinse geschiedenis tot leven komen! In korte hoofdstukken maken leerlingen op een sprankelende manier kennis met de wereld van Romulus en Remus, Camillus, Pyrrhus, Hannibal en Caesar. Schilderijen met prikkelende vragen verleiden de leerling om goed te kijken. Kleurige tijdbalken zorgen voor een helder overzicht. Elk verhaal sluit aan bij een hoofdstuk uit de leergang en komt terug in de Latijnse oefeningen. De verhalen zijn ook beschikbaar als powerpoint.



Nakijken
Nakijken gebeurt soepel en snel met behulp van Powerpoints.
Eén druk op de knop en de juiste vertaling verschijnt.
Zo is de docent geen tijd meer kwijt met het opschrijven van antwoorden!



Lesopbouw
Ieder hoofdstuk begint met een spannend verhaal uit de Romeinse geschiedenis. De inhoud van dit verhaal komt terug in de zinnen. Per les maakt de leerling twee oefeningen van circa 10 zinnen of een tekst. Met een opbouw van makkelijk naar moeilijk. Na drie of vier lessen is een hoofdstuk af.
Extra's